Regelgevende initiatieven OVAM 2026: wat elke milieucoördinator moet weten

OVAM 2026 – PPWR, EVOA en Materialendecreet: dit verandert er voor milieucoördinatoren

time icon 3 min time icon 30 sep. 2026 time icon SBM
Club milieu

Club Milieu is terug: aftrap in Kortrijk

Club Milieu start een nieuw werkjaar op met een vernieuwd bijscholingstraject voor milieucoördinatoren. De eerste sessie ging door in Kortrijk, in samenwerking met Danny Wiels (Wiels). Als spreker van de avond was ook Werner Annaert, Administrateur-Generaal van OVAM, aanwezig om de regelgevende initiatieven van OVAM voor 2026 toe te lichten.

Tijdens deze kickoff stond één thema centraal: de golf aan regelgevende initiatieven die OVAM voor 2026 op de agenda heeft staan - van Europese verordeningen tot Vlaamse decreetswijzigingen.
Voor milieucoördinatoren is het geen overbodige luxe om dit overzicht scherp te houden: de regelgeving verandert snel, raakt zowel bedrijven als lokale besturen, en vraagt vaak om tijdige actie nog vóór de formele inwerkingtreding. In deze blog zetten we de belangrijkste evoluties op een rij.

Een golf van Europese en internationale regelgeving

De Europese beleidsagenda is dicht bezet: naast bekende dossiers zoals de REACH-verordening, de Kaderrichtlijn Afval en de herziening van de WEEE-richtlijn, komen er nieuwe zwaargewichten aan zoals de Circular Economy Act, het Clean Industrial Deal en de Critical Raw Materials Regulation (CRMA).

Ook op internationaal niveau, via de Bazel Conventie en het toekomstige International legally binding instrument on plastic pollution, wordt de regelgeving rond afvaltransport en gevaarlijke stoffen verder aangescherpt.

Twee dossiers springen er voor de Vlaamse praktijk bovenuit: de PPWR (verpakkingen) en de herziene EVOA (afvaltransporten).

regelgeving rond afvaltransport wordt aangescherpt

PPWR: verpakkingen moeten circulairder én minder

De Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR) is intussen officieel gepubliceerd, met een algemene toepassingsdatum op 12 augustus 2026. België scoort vandaag "best in class" op recyclage van verpakkingsafval, maar de PPWR vraagt véél meer dan alleen recycling. Vier doelstellingen staan centraal:

  • Minder verpakkingsafval produceren

  • Meer hergebruik van verpakkingen stimuleren

  • Alle verpakkingen recycleerbaar maken

  • Meer recyclaat verplicht verwerken in nieuwe verpakkingen


De weg naar 2030 kent belangrijke tussenstappen: vanaf 12 augustus 2026 gelden de eerste inhoudelijke vereisten (stoffen in verpakkingen, conformiteitsverklaring), in 2027-2028 volgen registratie en performance grades, en tegen 2029 moet 90% van de drankverpakkingen apart worden ingezameld of via een statiegeldsysteem verlopen. Vanaf 2030 komen de zwaarste maatregelen: een verbod op verpakkingen onder grade C, hergebruikdoelstellingen, minimum recyclaatpercentages en verbodsbepalingen op bepaalde verpakkingsformaten.

Belangrijk om weten: de PPWR is een verordening, dus rechtstreeks bindend, maar heeft in de praktijk "het parfum van een richtlijn". Tal van artikelen laten lidstaten beleidsruimte, wat betekent dat de Vlaamse invulling via het ISA Verpakkingen cruciaal wordt.

ISA Verpakkingen: het Belgische UPV-systeem in een nieuw jasje

Om het bestaande, goed werkende Belgische UPV-systeem af te stemmen op de PPWR, wordt het Interregionaal Samenwerkingsakkoord (ISA) Verpakkingen aangepast, niet vervangen. De belangrijkste vernieuwingen:

  • Een dubbele procedure: registratie in een digitaal producentenregister én goedkeuring van producentenorganisaties door EPRiBEL

  • Preventiedoelstellingen per verpakkingsmateriaal, met referentiejaar 2022

  • Sanctieheffingen bij het niet halen van doelstellingen (oplopend tot €150/ton bij herhaalde overtreding)

  • Een juridisch kader voor statiegeldsystemen, zodat individuele initiatieven gecoördineerd verlopen

  • Een uitgebreid takenpakket voor EPRiBEL, met extra personeelscapaciteit gefinancierd via dossiertaksen en boetes

probleemafval

EVOA/WSR: grenzen dicht voor probleemafval

De herziene Waste Shipments Regulation (WSR), in Vlaanderen beter gekend als EVOA, regelt grensoverschrijdend afvaltransport. De centrale gedachte achter de herziening: afvaluitdagingen niet langer exporteren naar derde landen, intra-EU-transporten bevorderen en de strijd tegen illegale afvaltransporten opvoeren.

Cijfers tonen waarom dit nodig is, de EU-export van afval steeg naar 35 miljoen ton in 2023, goed voor 18,5 miljard euro.

De vernieuwde EVOA trekt drie niveaus verder uit elkaar:
  • Intra-EU: alle procedures worden verplicht digitaal via het Europese DIWASS-systeem (vanaf 21 mei 2026), en er komt een verbod op transporten gericht op verwijdering (D) ten voordele van terugwinning (R).

  • OESO-landen: extra monitoring van afvalstromen, met de mogelijkheid om exportverboden in te stellen bij problematische verwerking. Plastic afval vereist vanaf 21 mei 2026 steeds een kennisgevingsprocedure.

  • Niet-OESO-landen: een bijkomend exportverbod voor alle ongevaarlijk afval, tenzij het land expliciet op de EU-lijst staat (26 kandidaat-landen dienden een aanvraag in). Voor plastic afval (B3011) en alle AEEA geldt vanaf 21 november 2026 een extra exportverbod.

ISA UPV en Zwerfvuil: nieuwe stromen op komst

Het Interregionaal Samenwerkingsakkoord UPV en Zwerfvuil is inmiddels goedgekeurd door de Vlaamse Regering en wacht op parlementaire goedkeuring. Naast de bestaande UPV-stromen komen er drie nieuwe productgroepen aan waarvoor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid mogelijk wordt ingevoerd: textiel, luiers en meubels. Voor textiel is via de Kaderrichtlijn Afval al duidelijk dat producenten vanaf medio 2028 zullen moeten bijdragen aan inzameling, verwerking en onderzoek naar de samenstelling van gemengd stedelijk afval.

Materialendecreet: van asbest tot energieprestatie

Ook op Vlaams niveau staat er veel te gebeuren. Het Materialendecreet krijgt wijzigingen op meerdere fronten:

  • Asbestbeleid: een vervroegd asbestinventarisattest voor jeugdgebouwen en werkgeverssituaties (2030 i.p.v. 2032), en nieuwe attesten voor gemene en gemeenschappelijk gebruikte delen.

  • EPBD-implementatie: vanaf 2028 moet de milieu-impact (GWP) van nieuwe gebouwen >1000 m² berekend worden via TOTEM, met een uitbreiding naar alle nieuwe gebouwen vanaf 2030. OVAM en VEKA werken hiervoor naar één geïntegreerd attest.

  • Vereenvoudiging en digitalisering: een centraal platform voor digitale identificatieformulieren, aanpassingen aan de definitie van bedrijfsafval, en een herziening van de heffingenstructuur.

Daarnaast is er een Vlarema-EVOA in de maak om de Vlaamse uitvoeringsregels af te stemmen op de nieuwe Europese verordening, met onder meer aanpassingen voor vooraf goedgekeurde inrichtingen (PAF-statuut).
 

Waarom dit voor jou als milieucoördinator relevant is

De optelsom van PPWR, EVOA, ISA-akkoorden en Materialendecreet-wijzigingen betekent dat 2026 een scharnierjaar wordt voor afval- en materialenbeleid in Vlaanderen. Veel verplichtingen worden pas concreet via afgeleide regelgeving (uitvoeringshandelingen, gedelegeerde handelingen), reden te meer om deze dossiers nu al op te volgen in plaats van te wachten tot de deadlines dichterbij komen.


Sessie gemist? Sluit toch nog aan

Kon je niet aanwezig zijn op deze eerste sessie van Club Milieu in Kortrijk? Geen probleem, je kan alsnog instappen. Neem contact op om te horen hoe je aansluit bij de volgende sessies en welke informatie je nog nodig hebt om de gemiste inhoud bij te benen. Bekijk het volledig programma of neem contact op om je nog aan te melden.